Good practice 13: Bestuurder Henk Oudshoorn neemt GMR al in vroeg stadium mee

Openheid en vertrouwen als basis voor een goede samenwerking

De voorzitter van het college van bestuur van de Van der Huchtscholen in Soest is er duidelijk over. Medezeggenschap gaat volgens hem vooral over ‘mede zeggen’. Daarom neemt Henk Oudshoorn de GMR al in een zo’n vroeg mogelijk stadium mee. Dat is voor hem een grote meerwaarde. ‘Sta open voor de input van mensen die anders naar zaken kijken. Zo voorkom je tunnelvisie.’

De drie Van der Huchtscholen voor algemeen bijzonder onderwijs hebben elk circa 220 leerlingen. Hoewel ze onderling verschillen, is de grote gemene deler ervarend leren en de kinderen zelf dingen laten ontdekken, een erfenis van oprichter Felix Ortt. Er worden veel natuurprojecten gedaan. Ook speelt gepersonaliseerd leren een grote rol op de scholen. Bestuurder Henk Oudshoorn geeft toe dat de kleinschaligheid van zijn stichting een groot voordeel is. De directeuren zijn integraal verantwoordelijk voor hun school en communicatielijnen zijn kort. ‘De kracht van onze organisatie is de volledige transparantie en het vertrouwen in elkaar. We staan open om van elkaar te leren. Dat geldt niet alleen voor de directie en de collega’s, maar ook voor mijn relatie met de GMR en de Raad van Toezicht. Openheid en vertrouwen zijn voor mij de basis van een goede samenwerking.’

Open boek

Oudshoorn is naar eigen zeggen ‘een open boek’. Hij maakt uitgebreide managementrapportages over de belangrijke onderwerpen die spelen en geeft volledig inzicht in de financiële ontwikkelingen voor de directeuren, de Raad van Toezicht en de GMR. ‘Regelmatig komt er in de GMR-vergadering, naast de gewone zaken en de beleidsstukken, één onderwerp aan de orde waar we dieper op ingaan en waarover de GMR-leden vragen kunnen stellen en advies en of instemming kunnen geven, zoals de vrijwillige ouderbijdrage.’ De GMR van de stichting bestaat uit drie ouders en drie personeelsleden, van alle drie de scholen twee vertegenwoordigers. De scholen op hun beurt hebben elk een MR die eveneens bestaat uit drie ouders en drie personeelsleden. Zowel de bestuurder als de directeuren nemen hun (G)MR zo vroeg mogelijk mee in het besluitvormingsproces, dat is volgens Oudshoorn de cultuur in de organisatie. Ontbreekt de nodige kennis bij de leden dan is scholing of de inhuur van een externe deskundige vanzelfsprekend. ‘En als er problemen of vragen zijn, dan nodig ik de mensen uit voor een kop koffie. Ik heb in de loop van mijn carrière wel geleerd dat je het meeste bereikt met goede communicatie en aandacht.’

Strategisch beleidsplan

Om input te krijgen voor het strategisch beleidsplan organiseerden Oudshoorn en zijn directeuren een avond voor de MR’en, de GMR en de Raad van Toezicht. ‘Iedereen kon input geven voor de sterkte/zwakteanalyse van de stichting. Ik vind het heel belangrijk om ook de mening van ouders te horen. Neem nu de wijken waarin de scholen staan. Zij wonen daar en weten wat er speelt, ik veel minder. Dan is het toch logisch dat je daarover met elkaar in gesprek gaat? Het zou een automatisme moeten zijn om als bestuurder je GMR en als schoolleider je MR mee te nemen.’

Lerarentekort en werkdruk

Ook in verband met het dreigende lerarentekort en de werkdruk was er inbreng van de medezeggenschap. ‘Hoewel het lerarentekort hier nog niet zo’n groot probleem is, vergt het toch behoorlijk wat inspanning om ervoor te zorgen dat er voldoende leerkrachten zijn. We hebben een thema-avond gehouden waarop de GMR en de directeuren in gesprek gingen over de stelling: stel dat geld geen probleem is, hoe kunnen we de werkdruk dan verlagen en het lerarentekort oplossen? Er kwamen bruikbare suggesties uit. Zo willen leerkrachten meer zelf verantwoordelijkheid nemen en voelen. Een goede zaak dat de teams zelf moesten bepalen waar de extra werkdrukgelden van het ministerie naartoe gaan. Bij twee scholen is een conciërge in dienst genomen, op een school is een vakleerkracht muziek aangesteld en op een andere school hebben medewerkers gekozen voor meer tijd voor administratie en analyse.  Ook kwamen er ideeën uit voort om iets extra’s te doen voor het personeel, zoals een nieuwjaarsreceptie in een spellenwinkel en een extra uitkering. Het behoud van leerkrachten speelt natuurlijk ook een rol.’ Het gaat hier echter om incidentele tegemoetkomingen, belangrijker is dat er structureel geld bij moet. ‘Het is ons gelukt een deel van de reserves aan te spreken om structureel in te zetten voor de verlaging van de werkdruk. Deze extra middelen worden meegenomen in het aankomende formatieplan. Gelukkig hebben de ouders en de leerkrachten in de GMR ook hier weer medezeggenschap’.

Dit is het dertiende artikel in een serie over good practices ter inspiratie voor (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraden.